Nieuws
  De Boelelaan 1105 1081 HV Amsterdam Tel.: 020-5986516 Fax: 020-5986500 E-mail: hbsinfo@let.vu.nl

Opgravingen in Weert-Kampershoek Noord Fase 2

De gemeente Weert is van plan een gebied ten noordoosten van de stad Weert, met een oppervlak van ca. 70 ha, te ontwikkelen tot bedrijventerrein. Dit gebied staat bekend als Kampershoek-Noord en in 2007 zijn in een deelgebied hiervan al een proefsleuvenonderzoek en een grote opgraving uitgevoerd. Nu, in 2011 en 2012 worden, onder de naam Kampershoek-Noord fase 2, de bij het proefsleuven onderzoek aangetroffen vindplaatsen opgegraven.  Daarnaast moeten nog eens 135 proefsleuven worden aangelegd in de percelen die tot nu toe nog niet konden worden onderzocht. Vier van deze percelen komen aan bod bij het huidige onderzoek, terwijl de andere twee pas in 2013 worden onderzocht.  Al deze activiteiten vinden plaats op het zogenaamde dekzandeiland van Weert-Nederweert, waar  in de afgelopen decennia op verschillende locaties archeologisch onderzoek heeft plaatsgevonden. De resultaten van het onderzoek dat nu plaatsvindt kunnen dus worden toegevoegd aan de al bestaande kennis en zo een zinvolle bijdrage leveren aan  de reconstructie van de bewoningsgeschiedenis van de micro-regio.

Op 1 november zijn we van start gegaan met het graven van de eerste proefsleuven in het meest westelijke deel van het plangebied (perceel 2011a, zie foto’s). Hier bevond zich tot voor kort het gehucht Raak, dat mogelijk kan worden gezien als de plek waar mensen zich na de Volle Middeleeuwen hebben gevestigd. Een interessante plek dus, die misschien meer inzicht kan geven in een bewoningsfase waar tot op heden niet veel van bekend is. Aanvankelijk zou bij het aantreffen van interessante sporen meteen een doorstart naar een opgraving plaatsvinden, zodat zo snel mogelijk kon worden begonnen met de aanleg van een hier geplande toegangsweg. De interessante sporen zijn wel aangetroffen, maar een doorstart naar een opgraving heeft nog niet kunnen plaatsvinden, doordat eerst nog resten van de tot voor kort aanwezige bebouwing moeten worden opgeruimd en zelfs gedeeltelijk gesloopt. Dit laatste zal plaatsvinden onder onze begeleiding en aan het eind van de campagne zal ook de opgraving worden uitgevoerd. Op het tweede terrein dat met proefsleuven is onderzocht (2011b) en iets verder naar het oosten ligt, zijn enkele kuilen en een graf aangetroffen. Dit graf is waarschijnlijk deel van een verder naar het zuiden gelegen grafveld uit de Midden IJzertijd, dat al in 2007 is opgegraven (vindplaats 3). Interessante resultaten dus en mogelijk moet ook hier een kleine opgraving plaatsvinden. Door uiteenlopende redenen kon het proefsleuven-onderzoek op de percelen 2011c en –d toch nog niet worden uitgevoerd en dit zal nu plaatsvinden nadat de in 2007 vastgestelde vindplaatsen zijn opgegraven.
De opgraving dan. Deze bevindt zich in de zuidoostelijke hoek van het plangebied en beslaat een oppervlak van ca. 6 ha. Bij het hierboven al genoemde proefsleuvenonderzoek zijn zes vindplaatsen onderscheiden, die bestaan uit twee grafvelden (1ste-3de eeuw na Chr. en 2de/3de eeuw), twee plekken met Romeinse bewoningssporen die mogelijk samen één nederzetting vormen en twee vindplaatsen met bewoningssporen uit de Volle Middeleeuwen. In totaal zijn ca. 72 werkputten van 24x45 m gepland, die liggen in 15 raaien. Om een nog beter inzicht te krijgen in de verspreiding van de archeologische sporen binnen dit gebied zullen de werkputten worden opgraven per raai. Nadat alle oneven raaien zijn onderzocht kan een gefundeerde beslissing worden genomen over het eventueel laten afvallen van sommige geplande putten, of juist het aanleggen van extra putten op andere plekken.
Op het moment van schrijven zijn 25 werkputten aangelegd en ook afgewerkt door een team van gemiddeld zeven medewerkers. We bevinden ons nu in het gebied waar de Romeinse nederzettingen werden verwacht en inderdaad zijn ook bewoningssporen uit deze periode aangetroffen. Het gaat dan voornamelijk om paalsporen van boerderijen en ook een aantal waterputten. Van deze laatste zijn tot nu toe twee opgegraven en in beide kuilen was onderin (op een diepte van ca. 4-5 m) nog een restant van de houten bekisting aanwezig. De constructies verschilden nogal van elkaar; waar bij de eerste put sprake was van een inventief geconstrueerd raamwerk met daarin aan drie zijden bekapte hoekpalen, bestond de tweede putkist alleen uit horizontale planken die waren gestut met rechtopstaande, veel dunnere plankjes. Langzaam werken we ons op deze manier van west naar oost over het terrein, waarbij we binnenkort in de Middeleeuwse nederzettingen terecht zullen komen. De twee grafvelden die hierboven al werden genoemd vallen buiten de strategie van het per raai opgraven; het is duidelijk dat ze aanwezig zijn en het is beter om ze integraal en volledig geconcentreerd op te graven. Al met al een prachtig en uitdagend onderzoek, waarvan het veldwerk zeker nog enkele maanden zal duren.

 

Wordt vervolgd..

 

<< terug naar nieuws