Medewerkers
  De Boelelaan 1105 1081 HV Amsterdam Tel.: 020-5986516 Fax: 020-5986500 E-mail: hbsinfo@let.vu.nl

Projectnieuws:

<<terug

Een afgescheurde spieraanhechting in het uiterste zuidwesten van Nederland

 

Tijdens rioleringswerkzaamheden in maart 2007 aan de Zwinstraat te Retranchement, gemeente Sluis, Zeeland, zijn op een diepte van circa 110 tot 125 cm onder het maaiveld onverwacht menselijke skeletresten aangetroffen. Omdat het om een toevalsvondst gaat is er geen Programma van Eisen beschikbaar waarin de analyse of uitwerking van de vondsten is vastgelegd. Door Mw. Drs. N.J.G. van Jole van de Stichting Cultureel Erfgoed Zeeland is echter opdracht gegeven aan Drs. S. Baetsen van ACVU-HBS voor een zogenaamde quickscan van het skeletmateriaal. In de quickscan worden het minimum aantal geborgen individuen, geslacht, leeftijd en traumatische en degeneratieve aandoeningen onderzocht. Daarnaast is toestemming verleend om van één individu een C-14 analyse te laten uitvoeren.
De resultaten van het onderzoek tonen aan dat er minimaal zeven personen zijn begraven op de betreffende locatie. Het gaat om vijf mannen, één vrouw en één individu waarvan het geslacht niet te determineren is. Allen zijn volwassenen met een minimum van 21 en een maximum van 59 jaar. De C-14 analyse geeft een gekalibreerde datering tussen het einde van de zestiende en het begin van de zeventiende eeuw AD. Dat is net voor of gelijktijdig met het ontstaan van het dorp Retranchement.
De context van de individuen blijft onduidelijk. Ze zijn ordelijk begraven en niet ‘gedumpt’. Er zijn geen kinderen aangetroffen en het lijkt daarom niet om een gehele familie te gaan. Aangezien er ook een wat oudere vrouw in de groep zit, lijkt het ook niet om bijvoorbeeld soldaten te gaan die ter plaatse gesneuveld en begraven zijn.
De meest interessante waarneming is gedaan bij een 30 tot 34-jarige man. Er is een vijf cm. naar links georiënteerde langgerekte botformatie aangetroffen op de voorzijde van het schouderblad. Deze botformatie kan het resultaat zijn van een zogenaamde myositis ossificans traumatica. Hierbij vormt zich na een (geweldadige) afscheuring van (spier) weefsel een op een gezwel lijkende beenvormende afwijking. Op de betrokken locatie vindt een onregelmatig gevormde verbening (ossification) plaats; dit hoeft niet gepaard te gaan met een zichtbare beschadiging van het bot zelf. De locaties waar dergelijke verbeningen meestal aangetroffen worden zijn de elleboog, dijbeen, heup en schouder. Het door spieren gevormde botweefsel kan zowel los van, als gehecht aan het bot voorkomen. Bij het individu uit Retranchement gaat het om de linker musculus teres major die de opperarm verbindt met het schouderblad. Afgezien van de pijn bij een beschadiging van spierweefsel zal de betrokken persoon een beperktere mobiliteit in zijn linker schouder hebben gehad.